Retraite in Thailand

Het stond al lang op mijn ‘wish list’: een retraite in een boeddhistisch klooster in Azië volgen. Ik heb verschillende retraites in Nederland gevolgd en meermaals in katholieke kloosters verbleven. De meditatietechniek die ik sinds een aantal jaar beoefen, Vipassana, komt uit het Boeddhisme. Hoewel je deze techniek over de hele wereld kunt leren, was het mijn wens om terug te gaan naar de roots.

Deze wens bracht mij naar het noorden van Thailand, naar Wat Pa Tam Wua Forest Monastry. Met een busje vertrok ik richting Mae Hong Son, halverwege werd ik aan de kant van de weg gedropt. De buschauffeur wees welke richting ik moest aanhouden en zo liep ik langs akkers, in een bergachtig gebied, richting een bos. Na enige tijd bereikte ik de poort van het klooster. De omgeving was adembenemend en sereen. In wit geklede mannen en vrouwen werkten op een rustig tempo en in stilte in de tuin. Het riep bij mij de associatie met de documentaire Wild Wild Country over de Baghwan op en even dacht ik: waar ben ik aan begonnen?

Ik had geen reservering, want daar doen ze bij dit klooster niet aan. Je komt op de bonnefooi, het liefst voor de avond, en hoort ter plekke of er plaats voor je is. Dat was er. Nadat ik de belofte had afgelegd dat ik me aan de gedragsregels zou houden (onder andere dat je je proper gedraagt, meedoet met het dagprogramma, geen mensen of levende wezens lastigvalt – dus ook muggen vredig laat leven) kreeg ik een kuti toegewezen, een simpele houten hut op de vrouwenvleugel van het terrein. Onderweg mocht ik een deken, matje en kussen ophalen. De witte kleding had ik zelf meegenomen.

Om 18 uur klonk een gong. Dat betekent dat je naar de ‘dhamma hall’ (centrale hal voor onderricht en meditatie) komt voor het programma. In de avond is dat het reciteren van teksten en mediteren. Nu zag ik voor het eerst de monniken. Naast de abt waren er drie oudere en drie jonge mannen in een oranje gewaad. Ze nemen vooraan op een houten podium plaats, omringd door beelden van de Boeddha. Wij zitten op kussentjes op de grond, in rijen, mannen en vrouwen van elkaar gescheiden.

Acht dagen verbleef ik in het klooster, een tijd voor zelfonderzoek en verder onderricht in de meditatietechniek Vipassana. Dat betekent zoiets als ‘de dingen zien zoals ze zijn.’ Door de dagen offline en in stilte door te brengen, is er de ruimte om je te concentreren. Dat klink haast idylisch maar de werkelijkheid is weerbarstiger. Stilte wordt lawaai, je hoofd raakt verstrikt in een orkaan van gedachten en wensen. Het is best een lange weg naar helderheid.

Een retraite is voor mij als een soort van grote schoonmaak. Iedereen in het klooster gaat zijn eigen weg. Zonder dat je met elkaar spreekt voelt het toch als steun te weten dat je in hetzelfde menselijke schuitje zit. Het onderricht van de monniken is helpend en ook de vaste structuur van de dag geeft een zekere houvast en discipline. Bijzonder was het om deel te nemen aan de rituelen die bij het Thaise (Theravada) Boeddhisme horen. Zo is er s’morgens het offeren van rijst, s’avonds het reciteren van teksten. Het verbindt.

Wat Pa Tam Wua Forest Monastry voelde als een soort van 5-sterren resort onder de retraites. De accommodatie was simpel, maar het terrein is zeer goed onderhouden en proper. De twee maaltijden per dag, die door de vrijwilligers worden bereid, zijn elke dag weer vers en zeer smakelijk. Het is de schoonheid van de natuur en de toewijding van de monniken en vrijwilligers, die maakte dat ik mij in luxe waande.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.